1. Chiro
Hoe oud is de Chiro nu eigenlijk, en wie waren de oprichters? Echt helemaal exact valt deze vraag niet te beantwoorden. We kunnen, met een beetje goede wil, zelfs zeggen dat de Chiro al in de negentiende eeuw bestond, terwijl we even goed kunnen stellen dat er pas vanaf de Tweede Wereldoorlog echt sprake is van Chiro. Het is dus meer een proces dat zich over een lange periode uitstrekt, en geen gebeurtenis die we op één tijdstip kunnen vastpinnen ...
De 19e eeuw
Al halverwege de negentiende eeuw waren er bepaalde parochies in Vlaanderen waar er 'patronaten' opgericht werden. Dat waren organisaties die op zondag probeerden wat ontspanning aan te bieden aan de plaatselijke jeugd, naast godsdienstige en andere vorming. Ze waren geïnspireerd door buitenlandse voorbeelden zoals de 'Oeuvres de Jeunesse' in Frankrijk, de 'Oratorio's' in Italië en de 'Gesellenvereine' in Duitsland. Het eerste patronaat in Vlaanderen was het Sint-Jacobuspatronaat in Gent, opgericht rond 1850, maar al snel gevolgd door vele anderen.
De eerste kenmerken van een chirogroep zijn al duidelijk aanwezig: parochiaal georganiseerd, spelend bezig zijn, inspiratie vanuit het geloof, alle jongeren welkom,... Er was alleen nog geen sprake van een nationale vereniging. De meeste patronaten werkten onafhankelijk van elkaar. De 'leiding' van die tijd bestond uit Patronaatsheren en -dames, die dikwijls meer toezicht hielden dan dat ze zelf spelen maakten.
Het Interbellum (1918-1939)
In de periode na de Eerste Wereldoorlog kwam er meer en meer samenwerking, ook op nationaal niveau. In die periode bestonden er verschillende soorten patronaten, het ene al wat moderner dan het andere. In 1934 ten slotte krijgt het nationale tijdschrift "Het Katholiek Patronaat" een nieuw kleedje, en start E.H. Jos Cleymans met een radicale vernieuwing. Deze priester was op dat moment algemeen secretaris van het Jeugdverbond voor Katholieke Actie. Algemeen wordt hij beschouwd als de 'stichter' van Chiro zoals we die nu kennen. Hij introduceerde nieuwe elementen zoals spelen in open lucht, de Christus-Koninggedachte, de banier met de Griekse letters Chi en Ro, uniformen, kentekens,... De nadruk verschoof ook van passief godsdienstonderricht ontvangen naar zelf godsdienst beleven. In 1936 werden ook 'gewestelijke verbonden' opgericht, als tussenstap tussen 'nationaal' en de 'basis'. Dat waren de verre voorlopers van de huidige structuur met nationaal, regio's, verbonden, gewesten en groepen. De Chiro zoals we die vandaag kennen, kreeg meer en meer vorm ...
Bron: www.chiro.be
Meer info: klik hier!
terug naar boven
2. KAJ
We kunnen het ontstaan van KAJ-VKAJ niet losmaken van de achtergrond van de industriële revolutie, de moeilijke geboorte van een nieuwe wereldsituatie. Met een nieuwe klasse van volken die tegenover elkaar geplaatst werden. Met kapitalisten en arbeiders. Vooral tegen het einde van de 19e eeuw werd de sociale strijd scherper en hardnekkiger, hele stadswijken werden rode burchten, hele groepen arbeiders verlieten de kerk als instituut dat meeheulde met het kapitaal en met de rijken.
Maar het katholieke Vlaanderen kende ook binnen de kerk een aantal progressieve krachten.
Daens was een eerste grote voorbeeld maar kende een opmerkelijke tegenstand vanuit het Roomse instituut. Cardijn, die op jeugdige leeftijd priester Daens de sociale gelijkheid hoorde preken, werd door die boodschap dermate gegrepen dat hij beloofde zijn leven te geven voor de arbeiders, voor de zwakken en kleinen.
Het bleef niet bij een belofte. Vanaf 1912, als onderpastoor in Laken, groeit bij hem de overtuiging en de kracht om een emancipatiebeweging voor werkende jongeren op gang te brengen. Methodes rijpen, ideeën groeien en zijn methode "zien, oordelen en handelen" blijkt geen holle slogan. Het wordt hét middel voor de bewustmaking en de ontvoogding van duizenden arbeiders en arbeidsters. Heel wat oud-kajotters bestempelen die KAJ als de universiteit van het leven. Jongeren die vanwege hun sociale afkomst geen kansen kregen om verder te studeren ontwikkelen zich dankzij de beweging tot grote leiders, politici, syndicalisten en verantwoordelijken.
Bron: www.kaj.be
Meer info: klik hier!
terug naar boven
3. KLJ
In den beginne was er niets… behalve boeren en boerinnen die zich verenigden in de Boerenbond en de Boerinnenbond. In 1927 vonden deze het nodig dat er naast een volwassenwerking voor land- en tuinbouwers ook een werking voor jonge boeren en boerinnen moest komen, en zo werd de Boerenjeugdbond (BJB) geboren. De BJB-werking had de totale ontplooiing van land- en tuinbouwjongeren tot doel.
In 1937 werden de Landelijke Rijverenigingen (LRV) opgericht. Zij groepeerden BJB’ers te paar en boden hun een unieke ontspanningsvorm aan. De LRV zijn sinds 1992 een autonome ruitersportvereniging.
Na WOII kwam de nadruk meer op ontspanning te liggen. Zo kwam onder andere de sportfeestwerking met vendelen en wimpelen tot stand. Geleidelijk aan kwam er ook internationale belangstelling. Die leidde in 1954 tot de oprichting van MIJARC (Mouvement International de la Jeunesse Agricole et Rurale Catholique) die nationale bewegingen van plattelandsjongeren verenigde.
In 1965 krijgt BJB een nieuwe naam: Katholieke Landelijke Jeugd (KLJ). Deze naamsverandering was het gevolg van een sterke van het aantal land- en tuinbouwers. Daardoor ging de BJB zich meer en meer richten naar alle jongeren van het dorp. Samen met deze ledenuitbreiding krijg de BJB dan ook deze nieuwe naam.
Bron: www.klj.be
Meer info: klik hier!
terug naar boven
4. KSJ-KSA-VKSJ
De wortels van wat nu KSJ-KSA-VKSJ is geworden, liggen veel verder dan 1928, zelfs bijna een eeuw vroeger.
De stichting van KSA
Van bij het ontstaan van KSA volgden de bisschoppen twee verschillende strategieën. In West-Vlaanderen was priester-leraar Karel Dubois in 1928 aangesteld om naast de AKVS-bonden, nieuwe, zuiver kerkelijk-strijdende kernen op te richten in de colleges. De Vlaamse werking bleef bij het AKVS. Vanaf 1933 begon Dubois duidelijk stelling te nemen tegen de oude AKVS-bonden. In deze harde confrontatie tussen KSA en AKVS moest die laatste al vlug het onderspit delven. Ook in het aartsbisdom werd na lang aarzelen voor deze koers gekozen. Aartsbisschop Van Roey nam immers geen maatregelen tegen het AKVS, waardoor die organisatie in Antwerpen en Brabant het langst stand kon houden. Pas in 1932 belastte hij Leopold Vaes en Constant Lindemans om de KSA uit te bouwen in gouw Antwerpen en in de gouw Brabant.
De tweede strategie werd al in 1925 in Limburg toegepast. Bisschop Martinus Rutten had de studentenbonden verplicht zich los te maken van de Leuvense top. Het Limburgs Katholiek Vlaams Studentenverbond zou o.l.v. proost Gerard Philips de Limburgse KSA worden. De Oost-Vlaamse bisschop Coppieters koos voor de Limburgse oplossing. Hij gelastte zijn "studentenproost" Felix Vercruyssen in 1928 de bestaande AKVS-bonden zoveel mogelijk te sparen en ze los te rukken van de AKVS-leiding in Leuven. Op die manier hoopte hij de "aloude bisschoppelijke studentenbeweging", die zowel kerkelijk-strijdend als Vlaamsgezind was, in ere te herstellen. Een heleboel bonden maakte zo de overstap naar het JVKA. Waar de studentenbonden trouw bleven aan het AKVS, werd een nieuwe JVKA-studentengilde opgericht, die uiteraard werd gesteund door de kerkelijke en door de collegeoverheid. In bonden die aansloten bij het JVKA gingen de AKVS-getrouwen vaak ondergronds. Soms poogden ze het roer over te nemen en de bond terug bij het AKVS aan te sluiten. Maar KSA zou uiteindelijk het pleit winnen.
Het ontstaan van VKSJ
In tegenstelling tot KSA heeft VKSJ geen wortels in een oude Katholieke Vlaamse studentinnenbeweging. Haar oorsprong ligt in de burgerlijke katholieke vrouwen- en meisjeskringen die in 1922 gebundeld werden in het tweetalig Verbond van Belgische Katholieke Vrouwen (VBKV). Binnen dat verbond ontstond een jeugdafdeling VBKVJ. Vanaf 1923 werd die door Christine de Hemptinne geleid vanuit Gent.
De KA gaf de VBKVJ-afdelingen een belangrijke duw in de rug. Als tegenhanger van het JVKA ontstond het Vrouwelijk Jeugdverbond voor Katholieke Actie (VJVKA). Zoals het JVKA werd het opgedeeld in verschillende standenorganisaties. In de beginperiode bleven er nauwe banden bestaan tussen de VKSJ en de Vrouwelijke Katholieke Burgersjeugd (VKBJ). VKSJ was meer op nationale leest geschoeid dan KSA. De nationale proost was vanaf de stichting Frans Tibbaut. De eerste nationale leidster was Alice Van Kersschaever (van 1928 tot 1946). De eerste afdeling werd gesticht in de normaalschool van Gijzegem op 4 maart 1930.
Bron: www.ksj.org
Meer info: klik hier!
terug naar boven
5. Scouts (scouts en gidsen Vlaanderen & FOS)
1857: Baden Powell, stichter van scouting, wordt geboren in Londen op 22 februari. Deze dag wordt wereldwijd gevierd als "Founders Day", "World Scouting Day "of "Baden-Powell's Day". Binnen guiding wordt op deze dag als "Thinking Day" de geboorte herdacht van Olave Baden-Powell, vrouw van en stichtster van de gidsenbeweging.
1889:Geboorte van Olave Soames op 22 februari, later de vrouw van BP.
1907: Eerste proefkamp van Baden Powell met een twintigtal scouts op het eiland Brownsea; de geboorte van scouting!
1908: Publicatie van het boek 'Scouting for boys'; ontstaan van de eerste scoutsgroep in Engeland: de 1e Hampstead.
1909: Spontane deelname van een aantal meisjes aan een scoutsrally in Londen gaf aanleiding tot het ontstaan van meisjesgidsen in Engeland. Ook zeescouting ziet het daglicht aan boord van de ‘Mereny’.
1910: Eerste sporen van scouting in België. E.H. J. Petit richt te Brussel de eerste ‘Belgian Catholic Scouts’-groep op. Niet-katholieke groepen verenigden zich in de ‘Boy Scouts de Belgique’ . Baden Powell neemt ontslag uit het leger om zich volledig aan de scoutsbeweging te wijden. Hij gaat naar Moskou om ook daar scouting te organiseren. Aan zijn zus Agnes vraagt hij om zich te ontfermen over een vertaling van zijn werk naar de toen pas officieel opgerichte meisjesgidsen.
1912: De ‘Belgian Catholic Scouts’ wordt vervangen door ‘Baden Powell Belgian Boy Scouts’ (BPBBS) met J. Corbisier als eerste Chief-Scout. Tijdens een world-tour ontmoet Baden Powel voor het eerst zijn toekomstige echtgenote Olave Soames.
1913: Georges de Hasque sticht de eerste Vlaamstalige scoutsgroep te Antwerpen, de 1e Antwerpen, erkend door BPBBS.
Bron: www.vvksm.be
Meer info: klik hier!
terug naar boven
|